De Here Here is mijn Kracht.

 Psalm 28: 6 – 9;  Habakuk 3: 17-19;  Jesaja 40: 27 – 31Mattheüs 13: 1 – 9;                  Romeinen 1: 16-17 ; Openbaring 2:12-17;  Openbaring 3: 10- 12 en 20 - 21 .   

In mijn jeugd waren mijn ouders bevriend met een gezin, de familie Kamsteeg. Zij hadden een zoon, wiens naam Gabriël was. We speelden veel met elkaar. Maar tenslotte wordt het contact minder, totdat je het zicht op elkaar verloren heb. Het vreemde is: het contact verdween, maar de naam Gabriël bleef in mijn hart bewaard.
Waarom? Omdat de Heer soms een naam gebruikt om te bemoedigen.
Juist deze week, terwijl je – naar de mens gesproken – moe wordt van al die strijd en tegenstand vanuit de wereld, kwam ik een stencil tegen van een weblog uit 2008, getiteld:
Gabriël, God is mijn kracht.
 Juist drie weken geleden had ik voor de Heer beleden:  “Wat er ook gebeurt, of er een positief of negatief resultaat zal zijn, de  verhouding met U blijft dezelfde. Mijn hart naar U toe zal niet veranderen” Daarbij moest ik denken aan de belijdenis van Habakuk. Hij zag de bedreiging van de machthebbers van deze wereld. De macht van Babel werd steeds gevaarlijker en meedogenlozer. Maar ondanks deze druk en dankzij zijn gebed tot de Almachtige, komt hij tot deze belijdenis: -
Al zou de vijgenboom niet bloeien, en er geen opbrengst aan de wijnstok zijn, de vrucht van de olijfboom teleurstellen;          
al zouden de akkers geen voedsel opleveren, de schapen uit de kooi

verdreven zijn en er geen runderen in de stalling zijn, nochtans zal ik juichen in de Here, jubelen in de God van mijn heil.
De Here Here is mijn kracht
Hij maakt mijn voeten als die der hinden. Hij doet mij treden op mijn hoogten.  Habakuk 3: 17-19 ………….
Wat een geweldige getuigenis van Habakuk. Terwijl er vele afgoden in zijn tijd waren,  beleed hij dwars tegen iedere opinie in, dat er maar Een God is, en dat Zijn God, de Allerhoogste is: Here Here
Zo mogen ook wij geloven dat de Heer om Jezus’ wil onze Kracht, onze Redder, onze Vrede is.
Dat is een absolute waarheid. Op aarde worden we getest, zoals dat ook met het volk Israël gebeurde. Het is niet altijd even makkelijk. Maar juist dan wordt duidelijk, waar ons hart naar uitgaat. Waar is onze Schat? Als onze Schat in de hemel is, zullen we ook “de zegen van omhoog” gaan ervaren. 
Ook: Corinthe 6: 1-10
                                                                         
Dan zullen we daarvan - met David – kunnen getuigen: - Geprezen zij de Here, want Hij heeft mijn luide smekingen gehoord.  De Here is mijn kracht en mijn schild; op Hem vertrouwde mijn hart en ik werd geholpen. Daarom juicht mijn hart en loof ik Hem met mijn lied.
Psalm 28: 6 – 7
 
 
Ook via Jesaja geeft de Heer ons deze belofte en
wanneer de Heer iets belooft, is dat voor Zijn kinderen een zekerheid:
-Hij geeft de moede kracht en de machteloze vermeerdert Hij sterkte.
Wie de Here verwachten, putten 
NIEUWE KRACHT ; zij varen op met vleugels als arenden; zij lopen, maar worden niet moede; zij wandelen, maar worden niet mat. Jesaja 40: 29 – 31
 
Dan zijn we immers burgers van het Koninkrijk der hemelen. Dan plaatst Jezus ons op de rots. We mogen Hem vertrouwen, met Hem boven de omstandigheden staan. Hij zegt tegen ons:
- Gij gelooft in God? Geloof ook in Mij. Want al lijdt gij in de wereld verdrukking,

Ik heb de wereld overwonnen. Ik heb alle macht in de hemel en op de aarde. We mogen een relatie met Hem hebben, waardoor ons geloof, ons vertrouwen, in Hem steeds meer wordt versterkt. Dat is nodig om in de Eindtijd, waarin we leven stand te houden, ja                                                                                               
     VAST TE STAAN IN HET GELOOF.
Zo wilde de Heer aan Israël werken, zo wil Hij ook aan ons werken
24 september was het Rosh Hasjanah, het Joodse Nieuwjaar, het feest der bazuinen, Yom Teruah. Maar op dezelfde datum begint ook het Sabbatsjaar.  Met Yom Teruah beginnen de dagen van inkeer, van bezinning, die begint met het blazen van de Sjofar. Pas na inkeer=bekering kan er verzoend worden. Pas na verzoening kan er een liefdevolle relatie groeien met onze God en Heiland. Zijn verzoening met ons mogen we gedenken. Als de priester uit de tempel komt, weet het volk, dat de verzoening heeft plaats gevonden. Zijn Liefde mogen we aan elkaar tonen en doorgeven. De liefde voor mijn Heiland maakt mij afhankelijk van Hem. Jezus zegt: “Je hebt Mij lief, als je doet wat Ik je gebied. Wanneer je liefhebt, geef je jezelf prijs. Dan geldt:
               Alles verdraag je, alles geloof je, alles hoop je.
Daarom is het Sabbatsjaar zo’n geweldig voorbeeld voor het volk van God, voor ons. Tijdens dat jaar mag er niet gezaaid, gemaaid en geoogst worden. Je geeft je land, je bezit, terug aan de Heer. “Vertrouw je Mij met heel je hart? Durf je Mij voor heel je bestaan te vertrouwen?”  Israël had in de tijd van de diaspora geen Sabbatsjaar gehouden. Maar dit jaar ondersteunt de regering boeren, die bang zijn voor de financiële gevolgen. Er was een boer, die in zijn hart de beslissing had genomen het Sabbatsjaar te houden en zijn God daarin te vertrouwen. Toen werd het zo’n slecht weer, dat hij voor zijn bananenoogst vreesde. Hij ging op onderzoek uit. Hij zag de mislukking van de oogst bij zijn “vakgenoten”. Tenslotte kwam hij bij zijn land. Hij zag “het wonder” voor zijn ogen. De Heer had hem een oogst gege-ven, die wonderbaarlijk is. 
De Heer geeft overvloedig vrucht, als Zijn Woord in goede aarde valt.
Dan geldt voor jou en voor mij
: De Here Here is mijn kracht
De Heer wil Zijn Zegen, Zijn Kracht geven, aan Wie in Hem geloven.
Maar soms kan Hij niet geven, wat op Zijn hart ligt. Hij noemt Zijn discipelen soms kleingelovigen. Wijzelf hebben zorg te dragen voor wat er in ons hart opkomt. Met de Heer zullen wij overwinnaars zijn.
Als ik het wil, kan Hij de rotsachtige bodem verwijderen. Met Hem en in Zijn Kracht leer ik de zorgen voor het levensonderhoud en welke andere last ook te overwinnen. Met Hem en door Hem zullen begeerten mij niet kunnen overheersen, want ik ben Zijn eigendom.
In de Openbaring, het laatste bijbelboek, verschijnt Jezus aan Johannes op Patmos. De discipel die Jezus liefheeft, lijkt uitgescha-keld:  hij is verbannen vanwege het getuigenis van zijn geloof.
Maar de Here Jezus gebruikt hem juist hier op een wijze, die hijzelf nooit had kunnen vermoeden. Het begint met de zegeningen en de vermaningen naar de 7 gemeenten, die symbool staan voor de gemeenten tot aan Jezus’ Wederkomst. En iedere keer weer eindigt Zijn Woord aan een gemeente: Wie overwint ……
Wij zijn in verscheidene van deze steden geweest, o.a. in Pergamum.
Daar waarschuwt Jezus voor misleidingen die zeker ook nu een bedreiging voor de gelovigen vormen. Er was de troon van satan: mensen werden genezen door in zijn tempel, (van de god esculapis),  op de grond te gaan liggen: duistere machten en krachten.
De leer van Bileam werd verkondigd: je kan met allerlei (af)goden een verbond sluiten. Alle goden werden in ere gehouden. Christenen werden door hen, “de geesten van de lucht”, besmet en verloren hun “geestelijke” kracht.
Dan was daar de leer der Nicolaïeten. Er waren zg. gezalfden, die in de gemeente de dienst wilden uitmaken. Zo ontstond er een hiërarchie, waarbij de een geestelijk belangrijker was, dan de ander. Zo werd de Kracht des Heren van de gemeente, van de gelovige,  geroofd.
Maar in de gemeente van Philadelphia blijft men de Heer verwachten.
Zelf had men kleine kracht. Hun kracht was in de Heer, die hen daarom zou bewaren voor de verzoekingen die over heel de aarde zullen komen. En de Heer benadrukt het nog, dat ze op de goede weg zijn:-HOUD VAST WAT JE HEBT, OPDAT NIEMAND JE KROON ROVE De Heer komt spoedig en hij zegt tegen ons: “Wie volhardt en overwint, hem / haar zal Ik geven met Mij te zitten op Mijn troon, gelijk ook Ik heb overwonnen en gezeten ben met Mijn Vader op Zijn troon.” Wie oren heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeente zegt AMEN.