Hem dienen in de Nieuwheid des Geestes !

           Wij hebben pas verkiezingen gehad. Er is hier vrijheid om te kiezen. Niemand zal je in ons land zeggen, hoe je moet stemmen. In heel wat andere landen wordt het meer gecontroleerd en soms volgt er op “een verkeerd stemgedrag” een fikse straf.
Maar niet bij ons. Wij zijn vrij. Wij leven in  een tolerante democratie.
Maar zijn wij echt vrij? Wat zegt de bijbel hierover?
In de bijbel wordt steeds over “DIENEN” gesproken. Dat betekent dat er iemand boven je staat. Je hebt een baas, een meester.

Dat trof mij toen ik Romeinen 7 las. De Romeinen, en ook wij, worden opgeroepen Hem te dienen. Met Hem wordt de Here Jezus bedoeld. Voordat Jezus op aarde kwam, was aan het volk Israël de wet gegeven. “Doe dat en gij zult leven,” had God, de Vader, gezegd. Het volk had het “op schrift” gekregen. Je kan de Wet gaan lezen en hem gaan toepassen in je leven. Maar niemand was in staat te leven naar “de oude staat van de letter.”  Al doe je nog zo je best om je aan wetten, regels, voorschriften, te houden. Toch ga je steeds weer in de fout. Al lees je vele boeken, hoe je een beter gelovige zal worden, het werkt niet. Je doe zo je best, je leeft zo uit je eigen vlees, vol goede bedoelingen,  maar het loopt stuk!  Want de letter doodt. De Wet doet zonde kennen. En wie de zonde doet, is een slaaf van de zonde. Dan is Satan je baas. We zijn wel vrij! Maar onze vrijheid bestaat hieruit,dat we vrij zijn om te kiezen.
Als Paulus op zijn eigen, goede bedoe-lingen let, beseft hij zijn onmacht en roept hij uit:
“Ik ellendig mens!”
 Paulus besefte dat hij verlossing nodig had. Hij was naar Damascus geweest. Hij had Jezus ontmoet, Die hem op zijn dwaalweg wees. Hij had zich na bidden en vasten bekeerd. Hij was gedoopt met de Heilige Geest. Hij had een heilige roeping ontvangen.
Toch bleef “het vlees” voortdurend op de loer liggen. Dat is de reali-teit van een geroepene, van jullie die geroepenen zijn.
Jesaja zegt: Er is geen verlossing zonder bekering. (Jesaja 59).
Paulus had een Verlosser nodig. Hij had voortdurend de hulp nodig van zijn Verlosser. Hij leefde dagelijks met zijn Verlosser. Jezus was zo zijn Kracht, zijn Sterkte. Hij had het Licht van Hem in zijn hart ontvangen, om zo
“verlicht te worden met de kennis van de heerlijkheid van God in het aangezicht van Christus” “Maar wij hebben deze schat in aarden vaten, zodat de kracht, die alles te boven gaat, van God is en niet van ons.” (2 Corinthe 4: 5-7)
 
In de Bijbel staat: - De letter doodt, maar de Geest maakt levend
 (2 Corinthe 3: 6). Dit is leven uit het vlees, wanneer we onder de Wet zijn en de dode letter daarvan volgen. Dan zijn ook de werken die we verrichten “dode werken”. Het greep ons even aan, maar dan vloeit het weer weg. We blijven onvruchtbaar: we zijn niet werkelijk verlost van de zonde.
Maar leven uit de Geest heeft blijvende resultaten. Johannes de Doper zegt – in de geest en de kracht van Elia-: “Breng dan de vruchten voort, die aan uw bekering beantwoorden”
  Dat is de Roep van de Heer in deze tijd: -Breng vruchten voort die aan de bekering beantwoorden. Een vrucht ontstaat, nadat er gezaaid is en het zaad tot rijpheid gekomen is. Er is voortdurende voeding nodig. Het kenmerkende van goede vruchten is hun sap.
Eerst komt Jezus in ons leven. We ontvangen Zijn Woord. Hij zaait in ons. We gaan meer en meer begrijpen wie wij zijn, en Wie Hij is.
Dan beseffen we met heel onze ziel en ons verstand:
“Ik heb een Verlosser nodig ! Jezus, wil mijn Verlosser zijn!”                  
 
Wanneer we Jezus als Verlosser hebben aangenomen, ontvangen we
de Heilige Geest. Dan worden we wederom geboren. Dan leven we niet meer naar het vlees, maar naar de Geest.
Heel belangrijk is het te beseffen, dat we niet meer onder de Wet zijn.
We zijn verlost van de vloek der Wet.  De wet maakt ons tot zondaren. Maar de zondaren moeten zich bekeren, want er zal blijdschap zijn in de hemel over één zondaar, die zich bekeert.” (Lucas 15: 7) Jezus heeft voor ons de vloek aan het Kruis gedragen. Een vloek is het machtigste geestelijk wapen, waaronder de mens gebukt kan gaan. Een vloek brengt onheil. Door de vloek kan een mens zich niet bekeren……,  tenzij hij Jezus ontmoet. “Jezus heeft ons verlost uit de macht der duisternis”, “om de grote daden te verkondigen van Hem, die ons uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht.”                                                                                                     (Colossenzen 1: 13 en 1 Petrus 2:9)
Door het geloof in Jezus, de gestorven en opgestane Heer, leven we niet meer onder de wet,        “want Christus is het einde der wet, tot gerechtigheid voor een ieder, die gelooft”.                                                                                                                                                 (Romeinen 10:4)       Hij, Die zonder zonde is, kon alleen de wet volbrengen. Door Jezus mogen we nu onder de Genade en de Waarheid leven. We mogen ons gaan realiseren dat God gedachten van heil over ons heeft.
WAT EEN GENADE !
* Door Jezus mogen we Gods Waarheid kennen. “Zo is er dan geen veroordeling voor hen die in Christus Jezus zijn, want de wet van de Geest des Levens, de Genade, heeft u in Christus Jezus vrij gemaakt van de wet der zonde en de dood.” (Romeinen 8:1)
* Door Jezus mogen we Gods kinderen zijn. “Want u hebt niet ontvangen een geest van slavernij om opnieuw te vrezen, maar u hebt ontvangen de Geest van het zoonschap, door welke wij roepen: Abba, Vader! Die Geest getuigt met onze geest, dat wij kinderen Gods zijn.”    (Romeinen 8: 15-17)
”U, eens niet Zijn volk, nu echter Gods volk, eens zonder ontferming, nu in Zijn ontferming aangenomen.” 1 Petrus 2:10  Een kind mag een goede relatie met zijn Vader hebben. Jezus ging ons daarin voor. Hij was Dienaar van Zijn Vader, Die een goede relatie met Hem had. Jezus legde Hem in gebed alles voor. Hij was Zijn Zoon. Hij leefde vanuit de relatie met Zijn Vader. Hij getuigde: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, de Zoon kan niets doen van Zichzelf, of Hij moet het de Vader zien doen; want wat Deze doet, dat doet ook de Zoon evenzo. Want de Vader heeft de Zoon lief en toont Hem al wat Hijzelf doet. En Hij zal Hem grotere werken tonen, dan deze, opdat gij u verwondert.” (Johannes 5: 19 en 20)
· 
·             
Jezus sprak: “Ik ben het Licht der wereld. Wie Mij volgt zal nimmer in de duisternis wandelen, maar hij zal het licht des levens hebben.” (Johannss 8: 12)  In Zijn Licht zien wij het licht. Daarom mogen we ons, als we Hem dienen in de Nieuwheid van de Heilige Geest, kinderen des lichts genoemd worden. Jezus zegt ons: “U ben het Licht der wereld.” (Mattheüs 5: 14) In het licht kan je niet verborgen blijven. Doordat wij het Licht toebehoren en in het Licht wandelen, wordt duidelijk zichtbaar in Wiens Dienst wij staan.                                                                                                 Het kenmerkende van licht is, dat het is samengesteld uit alle kleuren. God heeft aan Noach de Regenboog als teken gegeven. De Regenboog is ook voor ons een teken Gods. Wie zich laat leiden door de Heilige Geest, weet dat hij zich overgeeft aan Gods Leiding die zeer veelzijdig kan zijn. Ik kan niet weten, hoe de Heer mij vandaag leidt. Het enige wat ik kan doen is, mij volkomen aan Hem overgeven en geloven dat Mijn Heiland alles volbracht heeft en daarom voor Mij Overwinnaar is. Want: “Zie, Ik ben met u alle dagen, tot aan de voleinding der wereld.”
Weer legt de Heer hier de nadruk op:
“Zie Ik kom spoedig en Mijn loon is bij Mij, om een ieder te vergelden naardat zijn werk is. Ik ben de alpha en de omega, de Eerste en de Laatste, het begin en het einde. Zalig zij die hun gewaden wassen, opdat zij recht mogen hebben op het geboomte des levens en door de poorten ingaan in de stad.”                                                                                                                           
(Openbaring 22 : 12-14)