Jezus heeft het Laatste Woord !.”
(Mattheüs 25: 31 46;Joël 2: 28 – 32; Zefanja 3: 9 – 20; Maleachi 4: 1 - 3  
 Mattheüs 5: 1 – 12; Lucas 16: 10 – 15; Hebreeën  10: 35  - 39.)  
   
Er was een debat n.a.v. de verkiezingen van 15 maart ‘17  op de t.v.. Ieder kreeg een bepaalde tijd om te spreken. Zo sprak de een na de ander volgens het plan. Op een gegeven moment was de tijd van iemand om en tenslotte kreeg een ander het laatste woord.
Dit was een situatie, die opeens een geestelijke inhoud voor mij kreeg. We weten heel duidelijk dat we nu in de eindfase van dit aards geslacht leven. Jezus zegt tegen de geestelijke leiders uit zijn tijd:Daarom, zie, Ik zend tot u profeten en wijzen en schriftgeleerden”. (Mattheüs 23: 34)
God heeft Zijn dienaren gestuurd. Zij kregen van Hem de tijd en gelegenheid om te spreken. Zij hebben het volk van God gewaarschuwd dat het trouw moet blijven aan de Woorden en verordeningen, die de Heer, hun God,  hen gegeven heeft, opdat Gods Volk zou leven en overvloed hebben. Zij spraken Gods Woord, zij toonden de kracht van hun God, ook in hun daden. Toen de eerste (profetische) fase voorbij was, brak de “volheid der tijden” aan: De tijd der onwetendheid was voor-bij, want God, de Vader, zond Zijn eigen Zoon, als Messias, Verlosser van zonde en dood, voor ieder die in Hem gelooft. Hij was en is de Weg, de Waarheid en het Leven.                                                                                              God gaf aan Zijn Zoon ca. 3 jaar om Gods gaven voor Zijn kinderen vrij te zetten door Zijn lijden en sterven aan het Kruis en Zijn opstanding uit de dood. Hierdoor heeft de Vader door Zijn Zoon dit HEILSFEIT onuitwisbaar in onze geschiedenis geplaatst. Hij verlangt er naar dat de mens, die in Jezus gelooft, op Zijn  Zoon zal lijken, dat de mens                                                 een Nieuwe Schepping        wordt, rein en puur voor onze Vader in de hemel en levend tot Zijn eer.                                                                              Dat is Gods Plan, dat Hij in Zijn Zoon getoond heeft.
Maar de Satan is nog actiever op deze aarde dan ooit tevoren. Hij is een moordenaar en leugenaar van den beginne. En nu gaat hij rond als een brullende leeuw, om strijd te voeren tegen dit plan van God: “En de draak (= de slang, satan) werd toornig op de vrouw en ging heen om oorlog te voeren tegen de overigen van haar nageslacht, die de geboden van God bewaren en het getuigenis van Jezus hebben.”
(Openbaring 12: 17       
Daar moeten Christenen zich van bewust zijn. Zij hebben geen rustig en makkelijk leventje. Nee, zij worden opgeroepen om stand te houden, waarbij ze volledig mogen vertrouwen op hun Heiland, die voor hen al overwonnen heeft. En Jezus is onze hoop voor de toekomst:        - Hij zal weerkomen op de wolken des hemels om het laatste woord te hebben.
Dit geloof is een krachtbron voor wie Hem verwachten.
 
Sinds Jezus’ Hemelvaart is Satan zeer aktief geworden door valse leringen, maar de Heer gaf Zijn kinderen Reformaties en Opwekkingen.
Sinds die tijd is Satan zeer aktief met valse profetieën, maar de Geest van God ontmaskert hun woorden en roept ware profeten op,  die met Woord en Daad zich volledig inzetten voor Gods Koninkrijk.
Door Gods Geest worden occulte machten en krachten ontmaskerd en zullen de volgelingen van Jezus Christus Zijn werken doen.
Want Jezus heeft ons niet als wezen achtergelaten. Hij heeft voor iedereen die in Hem gelooft, Zijn Olie, Zijn Geest, beschikbaar gesteld. Jezus zegt:”De Geest is het, die levend maakt, het vlees doet geen nut.” (Johannes 6: 63)
Jezus roept ons op uit Zijn Geest te leven. Alleen dan kunnen we meer zijn dan overwinnaars. Te veel christenen houden zich bezig met hun vlees. Maar wij worden opgeroepen om actief ons vlees los te laten en Christus aan te doen. Daarbij waarschuwt de Heer ons:
                                ”Wees waakzaam.”                                                                Het is zo gemakkelijk het “leven uit de Geest”los te laten en weer terug te vallen op ons vlees. Maar door Zijn Geest plaatst Hij mij hoog op de Rots, dicht bij Hem, om zo Zijn Zegen, Zijn wonderen, in ontvangst te nemen en ook zelf uit te delen.

Dat is ook de positie, wanneer de talenten de Hij ons gegeven heeft, vrucht zullen dragen, zodat de Vader en de Zoon er door verheerlijkt worden. In 1 Corinthiërs 12 geeft Paulus een opsomming van Gods Rijkdom aan talenten, die Hij via Zijn Geest aan de Gemeente toevertrouwt.
Terugkerend tot Mattheüs 25 mogen we onze gedachten laten gaan over  de laatste gelijkenis: Jezus’ Scheiding van schapen en bokken. Onwillekeurig moeten we hierbij ook denken aan Psalm 23, waar de Heer zegt: “Ik ben jullie Herder. Mijn schapen volgen Mij, want zij kennen Mijn Stem door de Heilige Geest.”
 Ze leven dus dicht bij en intiem met hun Heer, Jezus Christus.
Wanneer Jezus de schapen afzondert van de bokken, dan laat Hij in een beeld zien, hoe het er toe zal gaan op de
                   “Dag des Heren”                                    

De schapen mogen Gods Koninkrijk binnen gaan: ze beërven het en nemen deel  aan de Bruiloft van het Lam. De schapen zijn nederig. Het zijn mensen die willen dienen uit een liefdevol hart: de minsten te eten en te drinken geven, onderdak verlenen, van kleren voorzien, gevangenen bezoeken, bij zieken langs gaan en voor ze bidden.  Ze hebben het niet eens in de gaten dat ze “goed”aan het doen zijn. Er zijn zelfs mensen bij, van wie wij het nooit verwacht hadden, want ze gedroegen zich niet godsdienstig, leefden niet naar de wet, de orde van de kerk .Paulus schreef in Romeinen 2: 14 dat er heidenen zijn, die de wet niet hebben, maar toch van nature doen, wat de wet gebiedt. Zij tonen dat het werk der wet in hun hart geschreven is. Jezus zegt: “In zoverre gij dit aan mijn minste broeder of zuster hebt gedaan, hebt ge het aan Mij gedaan.” Hij maakt geen onderscheid tussen mensen. Maar Hij weet wat in het hart van de mensen is. Nogmaals: Wanneer Jezus wederkomt, wordt het hart van de mensen beproefd.  En dit Woord blijft vast staan als Gods Anker: - Niemand komt tot de Vader, dan door Mij:                                                               Jezus heeft het laatste woord.
Het is een spannende tijd. De overmoedigen, de hooghartigen, zullen niet binnen mogen gaan in Gods Koninkrijk.
Het spreken van God gaat nog door: - Bekeer u, want het Koninkrijk der hemelen is nabij gekomen. Volg Jezus, wat het u ook kost, want u en ik zijn zalig, wanneer wij vervolgd worden om der gerechtigheids wil, ter wille van ons geloof in Jezus. Wij kunnen ook geen twee heren dienen: God of de mammon. Er staat in de bijbel: Geldzucht is de wortel van alle kwaad. Nog klinkt het Woord: - Voor u die Mijn Naam vreest, zal de zon der gerechtigheid opgaan.
             En weldra spreekt Jezus het laatste Woord.