“Jezus toont           
       ons
  
       het Koninkrijk  der hemelen

 Psalm              130; 
Uit Mattheüs:    13: 24-35;     13: 44-52;   14: 13-21;   16: 14-19,    22: 1-14;                                                               
                                Lucas               13: 18 – 21;                            
                                            Handelingen       1:3.          

   
Het gebeurde kort geleden, dat ik de bijbel nam en het verhaal van de Eerste Wonderbare spijziging las. Mattheüs 14: 13-21     En terwijl ik zo voor me zag, wat er gebeurde, zei ik: “Heer, waarom heeft u dat gedaan? Wat is de reden van al die tekenen en wonderen van U?”                                                                                                                                 Toen ontving ik dit antwoord:“Ik ben gekomen om de mensen de hemel te tonen…                                                                   
Dat is voor mij een duidelijk antwoord.
Juist had ik in het vorige hoofdstuk gelezen, dat Jezus steeds over “Het Koninkrijk der hemelen” sprak. Het was dus voor Hem belangrijk dat de mensen steeds zullen horen over Gods Koninkrijk en de tekenen ervan zullen zien.
Het was voor de Here Jezus een kritieke fase in Zijn leven.: Hij had zo juist gehoord, dat Zijn wegbereider, Johannes de Doper, op brute wijze gedood was. Toen zocht Hij de eenzaamheid op, om in deze verzoeking kracht van Zijn Vader te ontvangen.
Toen voer Hij met Zijn discipelen verder. Zij kwamen aan land en ….. daar was de schare, die op Hem wachtte. Hij werd met ontferming over hen bewogen, want zij waren als schapen, die geen herder hadden. Zij waren op zoek naar de
Goede Herder. Als het hart van de mensen zo naar Hem
verlangt, kan Jezus de deur openen, dat de schare
          de glans van de hemel kan zien.                                   
 Hij leert zo Zijn discipelen, en ook ons, zich niet te laten terneer drukken door moeilijke omstandigheden, maar die in gebed aan de Vader te geven, en dan verder te gaan in de Roeping van God, zodat de mensen de glans van de hemel zullen zien.  
·                   Hij vertelde de mensen het Evangelie, de Blijde Boodschap van het hemels koninkrijk. In Zijn Koninkrijk bestaat er geen gebrek. Er is overvloed. Hij toont aan hen die honger hebben, Zijn Overvloed, zodat het hart van de mensen er naar verlangen deel te mogen hebben aan dit hemels Koninkrijk. Het was niet nodig dat de discipelen een grote voorraad bij zich hadden om uit te delen. Het is niet nodig dat er vele religieuze ideeën “als grondslag” aanwezig moeten zijn, om actief te zijn in het Koninkrijk van Jezus. Jezus vraag ons: “Wil je je inzetten voor Mijn hemels Rijk?” “Maar Heer, ik heb zo weinig!” Daarop antwoordt Jezus: “Ga aan Mijn voeten zitten en ontvang Geloof. Al is je geloof zo klein als een mosterdzaadje, dan kan Ik jou gebruiken om bergen te verzetten. Lucas 13: 18 – 21
·                   Zo zaait Jezus het zaad van God in de harten van de mensen, opdat ze meer en meer met Hem verbonden zullen zijn en het hart van Zijn hemelse Vader aan de wereld zullen tonen.  Jezus noemt de wereld Gods Akker.         De mensen die Jezus aannemen zullen goede vruchten voortbrengen. “Want hierdoor wordt Mijn Vader verheerlijkt, als jullie goede vruchten voortbrengen” zegt Hij. Maar terwijl Jezus en ook Zijn dienaren  goed zaad zaaien, vindt er –in het diepste geheim - aanvallen   van de vijand, de Satan,  plaats. Hij zaait duivels zaad, waaruit slechte vruchten voortkomen. Satan strijd tegen de Geest van Jezus. Satan wil dat wij onze volle aandacht gaan wijden aan zijn zaad. En nogmaals: het goede en het slechte wordt op dezelfde akker, op dezelfde plaats, gezaaid. Het gaat er hierbij om dat de gelovige christen goed leert onderscheiden, wat uit God is en wat niet. We worden door de Heer opgeroepen om kinderen van het Licht” te zijn. We mogen leven uit de Kracht van omhoog en de werken die Jezus gedaan heeft, als getuigen van het hemels Koninkrijk,mogen wij ook doen. Onze strijd is, dat Satan ons zo tracht te beïnvloeden dat wij ons voortdurend bezig zullen houden met zijn misleidingen. Maar aan het einde der tijden oordeelt de Heer Zelf over Zijn vijanden.  (Mattheüs:13: 24-30).                                                                                                          Paulus zegt: - Gods akker ben jij.  1 Corr.3: 9.                                                                        Als je Jezus als je persoonlijke Verlosser hebt aangenomen, ben je Zijn eigendom. Hij heeft het Goddelijk Zaad in je gezaaid, dat kostbaar is .Laat het Evangelie een schat zijn in je hart.
·                   Dan ben je een parel in Gods ogen. Zo kostbaar is de wereld, Gods akker, en ook  jij, Gods akker, dat Hij door Jezus Zijn Heerlijkheid op aarde heeft getoond. Door Jezus toont de Vader dat er in Zijn Koninkrijk geen ziekte meer is. Ook genas Jezus alle pijn. Wie in Jezus gelooft, zal niet sterven, want de dood is overwonnen. Er zal geen rouw of intens verdriet meer zijn. Alle tranen zullen gedroogd worden. Er zal blijdschap, ja eeuwige vreugde zijn. Zo toont Jezus in de wereld het hemels Koninkrijk, opdat de mensen, als Zijn gelovigen, er vurig naar zullen verlangen.
·                   Maar om uit het Koninkrijk van de hemel te mogen ontvangen,
is er eerst een prijs nodig die betaald moet worden. Jezus is de prijs, opdat God, de Vader, Zijn akker terug kan kopen. Jezus is
  “het Lam Gods dat de zonden der wereld wegneemt”. God heeft Zichzelf met jou en mij verzoend door het offer van Zijn Zoon Jezus, te accepteren door Hem op te wekken uit de dood.

Hierna heeft Jezus, voordat Hij terugging naar Zijn Vader, nog 40 dagen met Zijn discipelen gesproken over het Koninkrijk der hemelen. Hieruit blijkt dat Jezus’ volgelingen door Hem opgeroepen worden met Zijn werk door te gaan: Het Koninkrijk der hemelen te tonen.   
Via Petrus geeft Jezus ons de sleutels in handen door krachtig te  belijden in Woord en Daad: “Jezus, U bent de Christus, de Zoon van de Levende God.” Dan zullen ook wij het geluk uit de hemel ervaren: -Wat u op aarden binden zult, zal gebonden zijn in de hemelen; en wat u op aarde ontbinden zal, zal ontbonden zijn in de hemelen.   Zo roept de Heer ons op om ook op deze aarde, in deze Sleutelstad (Leiden) de hemel te tonen in Jezus’ Naam. 



Want nog een korte, korte tijd, en Hij komt en zal niet op Zich laten wachten.                                        Hij zal Zijn gasten uit- nodigen om deel te nemen aan de Bruiloft van het Lam. De maaltijd is bijna gereed. Maak u dan klaar om met Zijn bedienden mee te gaan.