Leven uit Genade- deel 4:


Hij is …mijn Eeuwige Vader.

(Jesaja 9: 1-6; Psalm 8: 5,6 en 103: 13;
Mattheüs 11; 5, 6, 18: 3-5; 19:14; Johannes 5: 24-37; Joh. 6: 44-47 en 57; Joh. 11: 25,26;
 Joh. 14: 7-11; Joh. 15: 9-11,Joh. 16: 5-15 en Joh. 17: 22, 23;Lucas 15: 11-32;; Romeinen 5: 5 en6, en 8: 14-17; Galaten 4: 6; Colossenzen 1:15-18;1 Johannes 2: 28 – 3: 10.)

 

Hoe meer we ons verdiepen in Jesaja 9: 5, des te meer leren we het wezen van Jezus verstaan: “Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst.”
Maar het gaat verder. Jezus zegt: “Wie Mij heeft gezien, heeft de Vader gezien.”
Maar het gaat nog verder. Jezus zegt tegen Zijn discipelen, wanneer Zijn taak op aarde weldra volbracht zou zijn: "Het is beter voor u, dat Ik heenga. Want indien Ik niet heenga, kan de Trooster niet tot u komen….En wanneer Hij komt, de Geest der waarheid, zal Hij u de weg wijzen tot de volle waarheid; want Hij zal niet uit Zichzelf spreken, maar al wat Hij hoort zal Hij spreken en de toekomst zal Hij u verkondi-gen. Hij zal Mij verheerlijken, want Hij zal het uit het Mijne nemen en u verkondigen. Al wat de Vader heeft, is het Mijne; daarom zei Ik:- Hij neemt uit het Mijne en zal het u verkondigen” (Johannes 16: 5-15)
In een paar woorden wordt hier de situatie in de hemel afgebeeld. De Vader, de Zoon en de Heilige Geest zijn een volmaakte drie-eenheid in de hemel. Drie afzonderlijke wezens, maar één door de volmaakte band der liefde. Zij houden zo van elkaar, dat ze nooit te scheiden zijn. Als je naar Jezus luistert, luister je naar Zijn Vader; als je Jezus aan het werk ziet, zie je de Heilige Geest aan het werk. Zij zijn een in liefde, want God  is LIEFDE.
Nu willen we verder nadenken over de Eeuwige Vader. Zo openbaart de Almachtige God Zich. Maar ook Jezus laat Zich als de eeuwige….Vader zien, terwijl de Heilige Geest ons de woorden van Vader in onze gedachten geeft, wanneer wij bidden.
Een vader staat aan het begin van het leven. Hij schept leven, hij verwekt leve, Hij schenkt het leven.
In Lucas 3 wordt het geslacht vanaf Jezus t/m Adam beschreven. Wat mij opvalt is, dat dit hoofdstuk eindigt met “Seth, de zoon  van Adam, de zoon van God. Direct is er sprake van een Vader – zoon verhouding. God wilde een Vader zijn voor de mens. Hij wilde hem deel laten nemen aan Zijn hemelse heerlijkheid. Hij wilde Zijn zoon, Zijn kinderen, een leven geven, dat eeuwig zou zijn, zonder einde.
De mens liep van God weg, zoals wij dat ook in Lucas 15 kunnen lezen.
We lezen:
“Wat is de mens, dat U aan hem denkt, en het mensenkind, dat U naar hem omziet? Toch hebt U hem bijna goddelijk gemaakt en hem met heerlijkheid en luister gekroond.”(Psalm 8: 5,6)

Dat is de situatie, wanneer de mens God verlaat, hij de Vader verliest en een verloren zoon wordt. De liefde voor God – die hij niet gezien heeft -, moet het afleggen tegen de liefde voor de aarde en zijn begeren. Toch draagt hij  de bagage  mee die God, de Vader, hem gegeven heeft. Zo kan hij nooit ontkennen dat God niet bestaat, hoe ver hij ook van hem is afgedwaald. 
Maar God is een Eeuwig God, een Eeuwige Vader. Hij verandert niet; Zijn Liefde verandert niet; Zijn Trouw verandert niet; Zijn verlangen dat de mens Zijn zoon of dochter wordt, die ABBA, PAPA, roept, verandert niet. God is als een Vader, Die wil dat Zijn kinderen in leven blijven.
Jezus wordt in de bijbel “eeuwige Vader” genoemd. Hij zegt – want Hij is één met de Vader: “Niemand kan tot Mij komen, tenzij de Vader, die Mij gezonden heeft, hem of haar trekke en ….
Ik zal hem of haar opwekken ten jongste dage.”(Johannes 6: 44)
Jesaja zegt: “Want een Zoon is ons geboren.”  Deze Zoon is niet uit bloed, noch uit de wil van het vlees, noch uit de wil van een man, maar uit God geboren. (Johannes 1: 13)  Jezus is als mensenzoon geboren, maar tegelijk is Hij God, de Vader. De Vader leeft in Hem. “Hij is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van de ganse schepping,  want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemel en die op de aarde zijn; Hij is voor alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem.” (Colossenzen 1: 15 -17)
Jezus, Zoon des mensen, laat God, de Vader, zien, door hoe Hij leefde en werkte. Eens brachten de moeders hun kinderen tot Jezus en Jezus zegende hen, zoals een Vader zou doen.
Want: “Laat de kinderen tot Mij komen en verhindert ze niet, want voor zulke mensen is het Koninkrijk der hemelen.”  (Mattheüs 19: 14)
Want: Als gij u niet bekeert en wordt als de kinderen, zult gij het Koninkrijk der hemelen voorzeker niet binnen gaan. Wie nu zichzelf gering zal achten als dit kind, die is de grootste in het Koninkrijk der hemelen.” (Mattheüs 18: 3-5)
Want Jezus dankte:  “Ik dank U,Vader, Heer des hemels en der aarde, dat gij deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, doch aan kinderkens geopenbaard. Ja, Vader, want zo is het een welbehagen geweest voor U.” (Mattheüs 11: 25, 26)
Een goede vader houdt van zijn kinderen. Hij heeft alles voor ze over. Hij geeft hen niet alleen het leven, maar staat ook garant voor hun toekomst. Hij heeft voor Zijn kinderen, die op Hem vertrouwen, in Hem geloven, de hoop op een goede toekomst gecreëerd. Dat was Hem alles waard, opdat Zijn kinderen zouden zijn, waar Hij is. Hij heeft de blokkades hiertoe weggenomen door hun zonde, die scheiding bracht tussen God en mens, te dragen aan het Kruis van Golgotha. Hij, God, Die geen zonde kent, is als Mensenzoon tot zonde gemaakt, opdat jij en ik zullen leven
door Hem. God heeft Zichzelf met ons verzoend. Want Jezus leeft. Door Gods Kracht is Hij opgestaan uit de dood. Hij leeft, de zonde is in Hem overwonnen; iedere ziekte, de dood is door Hem aan het Kruis gedragen en door Zijn opstanding uit de dood verslagen. Jezus zegt: “Ik ben de opstanding en het leven…..Wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven en een ieder, die nu leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven.” (Johannes11: 25,26)
Jezus is onze Eeuwige Vader, want  “Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, zodat Hij onder alles de eerste geworden is.” (Colossenzen 1: 18)
Hij is het die NIEUW LEVEN geeft.   
Het oude is voorbijgegaan, het nieuwe is gekomen. Daarmee wordt niet “de Wet en de Profeten” bedoeld, want wat van God komt, blijft altijd bestaan. Wij hebben een nieuw leven ontvangen, want ons oud, zondig leven is met Hem gestorven en de Liefde Gods is in onze harten uitgestort door de Heilige Geest. (Romeinen 5:5)  Jesaja heeft dit mogen zien: “Wanneer Hij Zichzelf ten schuldoffer gesteld zal hebben,  zal Hij nakomelingen zien en een lang leven hebben  en het voornemen des Heren zal door Zijn hand voortgang hebben” (Jesaja 53:10) Daarom zegt Johannes: Een ieder die uit God geboren is, zondigt niet, want Hij, Die uit God geboren werd, bewaart hem en de boze heeft geen vat op hem.” (Johannes 5:18)
Zo is de hemelse Vader op zoek naar kinderen die, door het Offer van Jezus te aanvaarden, overgezet zijn vanuit deze aardse duisternis in het Koninkrijk van de Zoon zijner Liefde. (Colossenzen 1: 13)
Zo lang we op aarde leven, bestaat het vleselijke, aardse leven, naast het leven uit de Geest van God. Voortdurend worden wij voor de keuze gesteld: wil je tijdelijk aards genot of wil je door de Heilige Geest je ogen gericht houden op Gods’ toekomst?
 Ik wil met Jezus erfgenaam zijn van Gods’ Rijk dat komt.                                     AMEN.