“WEES NIET  BEVREESD !  
        GELOOF ALLEEN ”   

Openbaring 1: 17;  Openbaring 2: 8  - 11;
Genesis 28: 13 – 15; Deuteronomium 31: 1 – 8;  
Jesaja 41 - 10; Matth.: 8: 23 – 27[  Matth. 14: 22 – 33;

Marcus: 5: 21 – 43; Lucas 5: 1 – 11; Hebreeën 13: 6;

Er is een groot verschil tussen gelovig en ongelovig. Gelovigen mogen geleid worden, hand in hand voortgaan, met de Levende God. Zij mogen geloven dat door Jezus Messias hun leven perfect verzekerd is. Tegen hen zegt de Heer:                 
                      “WEES NIET  BEVREESD ! “   
De ongelovigen leven zonder God. Zij willen zelf bepalen, hoe ze zullen leven. Ze willen zelf de dienst uitmaken. Zij kiezen voor dwaalwegen en noemen die goed. Zij noemen “goed”., wat God slecht vindt.                                                            
God is Licht. Maar zonder Licht wandelen zij in de duisternis.
                             Daardoor  zijn zij bevreesd.
In de bijbel lezen we voor het eerst over “VREES”,  wanneer Adam , samen met zijn vrouw Eva, gezondigd heeft. Toen Adam gegeten had van de vrucht van de Boom van Goed en Kwaad, kwam God in de hof naar hem toe - naar Zijn gewoonte. Hij zocht Adam en riep Hem. Maar zo reageerde Adam: 
Toen ik Uw geluid in de hof hoorde, werd ik bevreesd.”
Genesis 3: 9 – 10
Vanaf dat moment  is de mens bang geworden voor het leven en voor de dood, voor verleden, heden en toekomst, voor de mensen om hem heen en in de wereld, voor stilte en alleen zijn enz.                                                                                        Vanaf dat moment is de herinnering aan Gods Liefde en Barmhartigheid bij de mens zeer vervaagd. Hij vreest God, terwijl God de mens lief heeft met een eeuwige liefde.
 Daarom komt de Here, Adonai, in aktie om de mens weer terug te brengen naar Zijn hart, als Zijn Geliefde. Hij openbaart Zich aan de mens in dromen, visioenen, in een verheerlijkt lichaam. En wat mij daarbij opvalt, is dat Hij steeds zegt:
“Wees niet bevreesd       
                      In contact met Hem bant Hij de vrees uit, want Hij is Liefde

In het Oude Testament lezen we over de roeping van de aartsvaders Abraham,  Izaäk en Jacob. Zij kennen allen God, maar toch hebben ze hun zwakke momenten: Abraham was bang dat de Egyptenaren hem zouden doden ter wille van Sara, terwijl de Here hem beloofd had dat hij tot een groot volk zou worden en alle geslachten op aarde via hem zouden worden  gezegend. Vlak voordat Jacob zijn broer Esau zou ontmoeten, die hij vroeger ernstig bedrogen had, ontmoette hij engelen van God. (Gen. 32: 1 en 2). Maar even later was hij deze bemoediging totaal vergeten: Esau, zijn vijand, komt er aan !

De ontmoetingen met God worden zo gemakkelijk vergeten, wanneer het leven verder gaat .
Daarom werden er gedenkstenen gelegd, zodat ze zich zouden herinneren dat God hen Zijn Genade heeft betoond.


Wij moeten ons blijven herinneren, wat de Here ons getoond en ook beloofd heeft. Daardoor wordt Hij verheerlijkt en ons geloof versterkt. 



Tegen het volk Israël zegt de Heer: “Gedenk Mijn Zegeningen, dwars door de strijd heen; zoek Mij, want Ik laat Mij vinden.
Vrees niet voor je vijanden, want Ik ben in uw midden en Mijn Heil zal aan u binnen korte tijd geopenbaard worden.”


 
Mozes bemoedigde Jozua, met deze woorden :

Weest sterk en hebt goeden moed, en vreest niet, en verschrikt niet voor hun aangezicht; want het is de HEERE, uw God, Die met u gaat; Hij zal u niet begeven, noch u verlaten.
Deuteronomium 31: 6)

Houd je ook vast aan de beloften van God.

Ik geloof dat deze woorden ook voor ons gelden: Houd je vast aan de beloften van God. “ Soms moeten we lang wachten of stelt Hij ons op de proef, maar Zijn beloften zijn altijd: Ja en Amen.”
 
Want de Almachtige God zond Zijn Zoon, Jezus Messias, Die voor ons alles volbracht heeft. Hij is onze overwinnaar in iedere situatie:
”WEES NIET  BEVREESD ! GELOOF ALLEEN ”   
Op één wandeling genas Hij: Ten eerste een vrouw, die door alle doctoren was opgegeven, maar juist daarom alles van Jezus verwachtte. En Jezus reageert op haar genezing: ”Uw geloof heeft u behouden.”  Vervolgens gaat Jezus verder naar het huis van Jaïrus. Het leek zinloos de tocht voort te zetten. Jezus had tevreden kunnen zijn met een halve beloning. Maar nee: Hij wil de totale belofte van Zijn Vader in ontvangst nemen. Hij regeert over leven en dood.  Wanneer de bedienden van Jaïrus hem komen zeggen: “Val de Meester niet meer lastig, geef het maar op, antwoordt Jezus hem:  
 ”WEES NIET  BEVREESD ! GELOOF ALLEEN ”     
Op het beslissende moment vraagt Hij aan Jaïrus Hem volledig te vertrouwen. Theologie, menselijke kennis, iedere redenatie moet aan Jezus overgeven worden. We moeten los komen van onze eigen mogelijkheden om Jezus' hemelse mogelijkheden te zien.

. Rondom het bed van het gestorven meisje stond slechts een kerngroep van gelovigen, toen Jezus zei: ”Talitha, koem = Meisje, Ik zeg je:  - Sta op!”  

Dat gebeurt op het gelovige gebed. Dan is er geen vrees meer, maar slechts ZEGEN. 
Jezus, Gods Zoon, is naar de aarde gekomen om de vrees tot in de diepte van onze ziel weg te nemen.  Hij heeft de zonde voor ons aan het Kruis gedragen en er de dood overwonnen. Hij zegt ook tegen een ieder van ons:

              ”WEES NIET  BEVREESD ! GELOOF ALLEEN ”      
Jaïrus en zijn gezin mochten niet breed uit gaan vertellen over wat zij met hun dochter hadden meegemaakt. Ik geloof dat zij dit eerst in alle rust in de diepte van hun ziel moesten verwerken. 

Het gebeurde 38 jaar geleden dat mijn leven op aarde voorbij leek. Door het gelovig gebed van mijn vrouw kwam ik weer  terug. Maar sindsdien is iedere vrees uit mijn leven verdwenen. Deze gebeurtenis is voor mij als een “Gedenksteen”  geworden. (Zie hoofdstuk "Persoonlijke getuigenis")
Zijn Shalom zij ons deel.                                                                   Amen.